Posts tonen met het label Eten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Eten. Alle posts tonen

maandag 30 juli 2018

Het vakkenbord voor moeilijke eters

Van alle uitdagingen waar wij het voorbije jaar voor hebben gestaan, na Junes diagnose van ASS, was eten misschien wel de grootste. Waar wij voorheen altijd principieel eisten dat de kinderen van alles proefden en het liefst nog hun bordje leegaten, hebben wij onze aanpak nu drastisch moeten bijsturen. June liep vast in maaltijden zonder dat wij wisten waarom. Ondertussen, na veel onderzoek en dagelijks geploeter, is ons duidelijk geworden dat iets heel 'onnozels' - zoals de kleur van eten, de geur, de structuur/textuur of hoeveelheid - voor haar een onoverkomelijk euvel kan zijn. Gele kaas? Laat maar komen. Witte kaas? Je moet het lef maar hebben! Een wortelstaafje waar kruimels van haar boterham aan hangen, omdat die in hetzelfde bordje lagen? Besmet. Geef maar aan de kippen. Geduldig vragen wat er precies 'fout' is aan het bordje, lukt ook niet, want de stress is op zo'n moment te groot. En vaak weet ze het zelf niet eens of vindt ze de woorden niet om het uit te leggen.


Waar de maaltijd bij veel kinderen al een grote uitputtingsslag is, kan dat bij kinderen met ASS nog eens extra pittig zijn. Daar komt nog bij dat mijn dochter flink wat groeiachterstand heeft in te halen, en dus goed moet blijven eten.

En dan zijn er zo van die momenten dat het licht aangaat in je hoofd. Een vakkenbord, dat moest ik hebben! Ik had eerder al de aankoop van zo'n bordje overwogen, maar zo'n kleurrijk bordje in melamine voor kleuters, dat wou ik haar ook niet voorzetten, bang om een verkeerd signaal te geven. Tot ik op het idee kwam een fonduebord te kopen, een rond, porseleinen bord met verschillende vakjes. Eentje dat niet meteen opvalt aan tafel. Eentje voor grote kinderen.

Het bordje blijkt een groot succes. Ik kan eindelijk weer gerechtjes maken die wij ouders met plezier eten, en ik kan lekker weer nieuwe gerechten uitproberen. Want koken, dat doe ik te graag om steeds weer dezelfde vijf 'veilige' kindergerechten te moeten blijven maken.

Vandaag maakte ik bijvoorbeeld een groen slaatje met roquefort, gekaramelliseerde pecannoten, plakjes peer en een vinaigrette. Had ik haar dit voorgeschoteld, was de hel losgebarsten. Maar het vakkenbordje loste dit probleem fantastisch op. Ik verving de roquefort door blokjes kaas (geel!), liet uiteraard de vinaigrette weg, hield een paar pecannoten zonder karamellaagje apart en verving de peer door komkommer (om praktische redenen, te veel komkommer en te weinig peer in huis). Hieronder mijn bord… en haar bord.



En haar bordje werd tot op de laatste kruimel leeggegeten! Broer at hetzelfde als zij, maar dan wel door elkaar gemengd op één bord.

Een overwinning, me dunkt! Want niet alleen eet ze nu heel evenwichtig, ze proeft ook van ingrediënten waar ze anders niet aan had durven komen, gewoon omdat alles herkenbaar en benoembaar blijft (ook belangrijk!), en netjes geordend is.

Zal ze altijd zo moeten eten? Misschien wel. De psychologe verduidelijkte nog eens dat ASS voor het leven is, en dat die eetproblemen er misschien nooit zullen uitgroeien. Maar terwijl ik een week geleden nog vreesde nog tien jaar lang kinderkost te moeten maken, ben ik nu opgelucht dat ik op deze manier toch kan blijven koken zoals ik dat zo graag doe. En wie weet… Misschien leert ze op deze manier genoeg ingrediënten kennen om zich ooit aan een slaatje te durven wagen, op een dappere dag...

Maar wat voor kinderen met ASS werkt, werkt vaak ook bij kinderen zonder beperking. Dus aarzel niet om deze methode ook te introduceren als de maaltijd iedere dag weer een strijd is. Bovendien kun je er ook een heel aantrekkelijk hapjesbord van maken om als vieruurtje of zoals hieronder bij de boterhammen voor te schotelen. Dat is hier in een mum van tijd leeg!


Om vragen voor te zijn: het recept van het slaatje dat ik maakte vind je hier (ik maakte het zonder spekjes).

Porseleinen vakkenbordjes, waaronder dat van June, vind je onder meer hier.




zaterdag 3 maart 2018

Maak je eigen granola

Het gebeurt iedere keer opnieuw: ik maak granola, sta ervan te kijken hoe snel dat alweer klaar is én hoe lekker het is en neem me voor om er een wekelijkse gewoonte van te maken. En dan wordt dat geklasseerd bij de andere goede voornemens die er toch nooit van komen... Maar vanaf nu zal alles veranderen, want Elliot kreeg er vandaag maar niet genoeg van en eiste zelfs de pot op. Hij zal me er voortaan wel aan herinneren een nieuwe voorraad te maken!




Ik postte vanmorgen foto's van mijn Grote Ahornsiroopramp op Instagram en kreeg daarna zoveel vragen over die granola dat ik besloot er een blogpostje aan te wijden.

Wat doe ik in mijn granola? 

Wel, ik doe iedere keer weer wat mijn hart en mijn voorraadkast me ingeeft. Ik heb in mijn keuken een heuse granola-lade waar ik naar smaak ingrediënten uit haal. Ik ga hier niet beginnen met hoeveelheden en gewichten. Afwegen is echt niet nodig. Het kan gewoon niet mislukken! Just wing it!

Mijn basis is altijd havermout, maar je kunt ook speltvlokken of andere vlokken gebruiken. Bij mij gaat er al snel een hele zak in. Giet die in een kom en roer er naar smaak extra ingrediënten onder. Een paar voorbeelden:

  • In stukjes gehakte noten: pindanoten, pecannoten, hazelnoten, amandelen, ...
  • Zaden: chiazaad, lijnzaad, sesamzaad, ...
  • Geraspte kokos
  • Pitten: pompoenpitten, zonnebloempitten, ...

Om je granola lekker krokant en wat zoet te maken, voeg je vervolgens wat olie (olijfolie, kokosolie, zonnebloemolie) en ahornsiroop, honing of agavesiroop toe. Doe er gewoon een scheutje van bij, roer en blijf toevoegen tot alles mooi is bedekt.

Wat je dan nog kunt toevoegen, zijn specerijen. Kaneel is een klassieker en zelf gebruik ik graag speculaaskruiden, maar probeer gewoon wat jij lekker vindt! Voeg tot slot nog een snufje zout toe en spreid alles uit over een bakplaat. Gaat alles er niet in één mooie, egale laag op, dan bak je de granola in twee keer.

Schuif je bakplaat voor ongeveer een kwartier in een oven van 180-200 °C. Schep de granola regelmatig om en hou hem goed in de gaten zodat hij niet verbrandt.

Zodra hij uit de oven komt, kun je naar smaak ook stukjes chocolade (die mogen half smelten), gedroogd fruit en/of rozijnen toevoegen.

Lekker bij yoghurt, maar je kunt ook in het gebruik ervan alle kanten uit!

Tips voor nog meer verrassende ingrediënten zijn welkom in de comments hieronder! :-)

zondag 21 januari 2018

Veggie spaghetti die net 'echt' lijkt

Nooit eerder deed ik zoveel aangename ontdekkingen in de keuken als sinds wij geen vlees meer eten. Want een vleesvrij leven dwingt je om op zoek te gaan naar alternatieven en nieuwe dingen uit te proberen. Quorn en andere kant-en-klare alternatieven voor vlees kopen wij niet, want ik vind die veel te duur voor de vaak povere of ietwat 'geforceerde' kwaliteit die je ervoor terugkrijgt. En ik vind het ook gewoon niet nodig.

Met een beetje fantasie, geduld en slimme tips uit kookboeken kun je immers lekkere en gezonde alternatieven voor vlees op tafel toveren. En vandaag vertel ik je hoe ik spaghettisaus maak met de consistentie van saus met gehakt, gewoon met groenten! En het grote voordeel is dat je altijd alles in huis kunt hebben, zodat dit gerecht in een wip op tafel staat op dagen dat het snel moet gaan of je wat minder inspiratie hebt.









Het geheim? Linzen! En die gebruikte ik zelden voor we stopten met vlees eten. Nu staan ze minstens één keer per week op het menu. Bijkomend voordeel is dat ze supergezond zijn! Je kunt ze droog kopen en zelf koken maar vindt ze ook gewoon in blik in de supermarkt, klaar voor gebruik.

Ik maak mijn saus eigenlijk klaar zoals ik het altijd al deed, maar nadat ik mijn ui, knoflook en eventuele andere groenten (hier selderij en wortel) heb gestoofd, voeg ik linzen toe in plaats van gehakt. Om ze echt op gehakt te laten lijken, stamp ik ze iets fijner met de pureestamper. Maak er wel geen moes van... Je zult zelf wel zien dat ze na een paar keer stampen echt op gehakt gaan lijken. Wat ik dan doe, is wat gerookt paprikapoeder toevoegen. Ik weet niet wat dat is met gerookt paprikapoeder, maar ineens staat het in bijna ieder recept dat ik maak uit mijn kookboeken! Ik gebruik het dus vaak en ben er echt verslingerd aan geraakt. En het geeft je gerecht een gerookte toets die je ook wel in vlees terugvindt. Zeker eens proberen!

Voor de rest grijp ik naar mijn gebruikelijke ingrediënten, zoals tomatenpuree, balsamicoazijn en passata/tomatenblokjes, verse kruiden enzovoort. Maar wat in spaghettisaus ook heel lekker is, zijn een paar fijngehakte dadels of wat pure chocolade. 
 
Ook Jeroen en Jamie gebruiken linzen voor hun vegetarische variant van spaghettisaus en het is altijd interessant om te zien wat zij er nog in gebruiken. Mijn spaghettisaus ziet er iedere keer weer anders uit, afhankelijk van mijn inspiratie van het moment of de inhoud van mijn voorraad/koelkast.
 
De kinderen waren verbaasd hoe hard deze spaghettisaus met linzen op 'echte' spaghettisaus lijkt en vinden hem minstens even lekker. En ik durf wedden dat je er nietsvermoedende gasten mee kunt foppen!
 
Trouwens, een andere spaghetti die ik heel graag klaarmaak en die schittert in eenvoud is deze one-pot spaghetti van Anna Jones. En ook deze is heel snel klaar!



 

zondag 22 oktober 2017

Sweet: bakken met Ottolenghi

Dat ik een grote Ottolenghi-fan ben, is een understatement. Zijn recepten zijn altijd een schot in de roos. Terwijl gerechten uit andere kookboeken nu eens een succes maar vaak ook 'meh' zijn, heb ik in die van hem altijd het grootste vertrouwen. De man is een goochelaar!

Na Het Kookboek, Plenty, Jerusalem, Plenty More en Nopi, die ik als grote fan uiteraard allemaal in huis heb, kwam onlangs ook Sweet uit, het bakboek waar Yotam Ottolenghi samen met bakgoeroe Helen Goh drie jaar aan werkte, tot alles helemaal goed zat, zoals we dat van hem gewoon zijn.

Toch was ik niet meteen overtuigd van de noodzaak om dit boek aan mijn collectie toe te voegen. Want bakken, ik doe dat wel graag. Maar ik vind het al een hele kunst om iedere dag een degelijke maaltijd op tafel te krijgen. En als je dan een halve dag in de keuken hebt gestaan en een dampende taart uit de oven haalt, dan heb je nog niet gegeten. Kun je daarna gewoon opnieuw de keukenschort voorbinden om de kinderen een degelijke maaltijd voor te schotelen en al dat zoets goed te maken.

Een leuke bezigheid voor een dooie zondag, dat is het natuurlijk wel. Een muziekje op, je gezin dat rondom je gewoon zijn ding doet en niemand die je opjaagt. En dan het zalige gevoel dat over je komt wanneer je zo'n goddelijk gebak uit de oven haalt en het hele gezin ineens rond je staat, want wat ruikt dat heerlijk! Toegegeven, op de gezelligheidsschaal scoort bakken op zondag toch wel heel hoog!

Mijn man en ik kozen elk een receptje uit om het boek te testen. Hij bakte toen zijn ouders op bezoek kwamen en speelde het veilig met abrikozen-amandeltaart met kaneel. Zelf waagde ik me aan speculaas met een vulling van amandelspijs.





Beide gebakjes waren toppers en ik zou ze graag nog eens maken/eten, maar al het andere lekkers in Sweet vraagt erom uitgeprobeerd te worden. Met dit boek ben ik nog wel een flink aantal zondagen zoet!

Wat vind je in dit bakboek? De hoofdstukken zijn achtereenvolgens koekjes en biscuits, minicakes, cakes en taarten, kwarktaarten, platte taarten in een deegbodem, nagerechten en zoete snoeperijen getiteld.

De recepten worden uitvoerig toegelicht, de ingrediënten staan helaas niet altijd in je keukenkast en achter sommige moet je misschien wel even zoeken, maar het repertoire is zo ruim dat iedereen hier wel iets uit kan maken. 

En mijn kippen? Die weten eindelijk waarom ze eitjes uit hun lijf persen!
  
 
Ik ontving dit recensie-exemplaar van Agora nv. Sweet wordt uitgegeven bij Fontaine Uitgevers, telt 384 pagina's en kost € 29,95.


 

woensdag 9 augustus 2017

Een lekkere quiche ... en een grote beslissing

Mijn vriendin stuurde me vorige vrijdag een berichtje: "Tip voor een Netflix-film om samen met de kinderen naar te kijken: Okja!" Ik zocht de trailer op en dat leek me inderdaad een gezellige film voor het hele gezin. Een schattig supervarken dat samen met haar baasje ontsnapt aan de gemene boeven. We zagen het compleet zitten en nestelden ons diezelfde avond met z'n allen voor de buis.

Maar Okja is geen schattige familiefilm. Het is één grote aanklacht tegen de vleesindustrie, een verhaal dat nog heel lang blijft nazinderen en ons volwassenen tot dikke tranen roerde. We bleven tevergeefs wachten op een happy end maar besloten de film op 19 minuten voor het einde stop te zetten omdat we het niet meer konden aanzien. Mijn man keek de volgende dag naar het laatste stukje en was daar compleet van ondersteboven.

De film maalde nog een hele week door mijn hoofd. Okja is een fictief dier, een digitaal fantasiebeest, maar de achterliggende boodschap en realiteit zijn levensecht en hakten er bij ons stevig in.

Wij aten hier thuis al heel weinig vlees, en veel hadden we niet nodig om te beslissen volledig vleesvrij te gaan leven. Okja heeft ons dat laatste duwtje gegeven. Elliot is opgelucht, want die voelde zich al langer niet goed bij het eten van vlees. June vindt het moeilijker. Die stelde nog voor om enkel verongelukte dieren te eten. Maar op een spekblokje en wat boterhamworst van twijfelachtige kwaliteit na verandert er eigenlijk niet veel voor ons.

Ik zou deze beslissing kunnen samenvatten tot een simplistische "het is zielig voor de diertjes", maar het is zoveel meer dan dat. In het huidige klimaat kunnen we het ons simpelweg niet meer veroorloven om massaal vlees te blijven eten. En het is tegenwoordig zo gemakkelijk om een vegetarische maaltijd op tafel te zetten. De mogelijkheden zijn dankzij de vele kookboeken en recepten die je online vindt eindeloos en je hoeft vlees eigenlijk geen moment te missen.

Enfin, iedereen doet waar hij zich het best bij voelt, en ik wil ook geen preek afsteken. Maar wij voelen ons goed bij deze beslissing.

Maar moest je ook twijfelen, en je durft Okja niet aan, dan kan deze groentetaart je misschien wel over de streep halen. Ik maakte ze vier weken geleden voor het eerst en heb ze sindsdien al drie keer gemaakt, zo lekker is ze!

Het recept komt uit Hét Groenteboek van Delicious, een kookboek dat ik warm kan aanbevelen!



Taart met courgette, basilicum en geitenkaas

Ingrediënten voor 4-5 personen

1 rol bladerdeeg uit de koelafdeling van de supermarkt
2 middelgrote courgettes (± 650 g)
Een beetje bloem om uit te rollen
150 g ui, in dunne ringen gesneden
2 tenen knoflook, fijngesneden
1 groene peper, zonder zaadjes, fijngesneden
375 g zachte geitenkaas, in een rolletje
35 g basilicum
4 eieren + 1 extra
160 ml slagroom
160 ml volle melk
Ook nodig: een taartvorm van 24 cm ø (evt. siliconen), ingevet met olie

 
Verwarm de oven voor op 190 º C.

Bekleed de vorm met het bladerdeeg, laat overtollig deeg over de rand hangen en snijd de te grote hoeken deeg iets bij. Als je van plakjes bladerdeeg uitgaat, rol ze dan net iets groter uit en zorg dat de naden elkaar in de vorm iets overlappen en druk ze vast.
Snijd of schaaf de courgettes in de lengte in dunne plakken van 1 – 1½ mm.
Bestrooi de deegbodem met wat bloem en leg er een deel van de courgetteplakken op. Verdeel daarover wat uiringen, knoflook, groene peper, geitenkaas en basilicumblaadjes. Herhaal deze lagen tot alle ingrediënten op zijn, en probeer te eindigen met wat plakken courgette.
Meng de 4 eieren met de slagroom, melk en 2 tl zout en schenk dit gelijkmatig over de vulling.
Sla het overhangende deeg terug over de taart. Klop het laatste ei los en bestrijk het overliggende deeg ermee.
Bak de taart iets onderin de oven op een rooster in 55-65 min. diep goudbruin en gaar. Haal de taart uit de oven, laat hem eerst 10 min. rusten en snijd in punten.


Geniet ervan!


zondag 6 augustus 2017

Uitstapje: workshop kaas maken

Ik werd met het hele gezin uitgenodigd kaas te gaan maken in Passendale. Want het moet ook niet altijd over de oorlog gaan daar in de Westhoek. Kaas is minstens zo boeiend, en zoveel gezelliger. En hoewel ik echt verslaafd ben aan kaas, ligt dit nog heel moeilijk bij mijn kinderen. June is ondertussen verslingerd aan haar "Vader Jozef" (Père Joseph), maar weigert andere kaas te proeven, en Elliot is nog een beetje zoekende maar staat ondertussen ook open voor de wat gewaagdere kazen. Een bezoek aan de Oude Kaasmakerij leek ons dan ook ideaal om wat meer leven te brengen in die kaasqueeste!

Wij waren daar samen met Mama van Vijf en haar kroost, wat extra leuk was voor de kinderen, want met vriendjes aan je zijde is gewoon alles leuker en smaakt kaas zoveel beter.

Kaas maken blijkt eigenlijk helemaal zo moeilijk niet te zijn. June vat het speciaal voor jullie nog eens mooi samen, in glasheldere stappen:

1. Eerst moet je de melk thermometen tot 32 graden
2. Dan gaat er waspoeder bij (dacht ik, het kan ook een ander poeder zijn)
3. Dan gebruik je een pipet
4. Daarna zijn er barsten in de melk
5. Dan moet je met een mes heel veel snijden, maar echt veel
6. En dan pak je een zeef en je giet dat uit de pot in de zeef
7. En dan gaat al de wei weg
8. Dan blijven er nog dingetjes over
9. Je maakt de randjes los met een lepel
10. En ik denk dat je de hele tijd moeten blijven lepelen
11. Tot het water in de bak valt
12. Dan pak je een pot met gaatjes en een raar ding
13. Dan doe je de kaas in dat potje en je doet dat rare ding op de pot
14. En je perst de kaas naar beneden, maar niet te hard
15. Daarna zet je de ton erop en dan ga je eventjes op het springkasteel

Je ziet, dat kan nu toch echt iedereen!

Maar misschien zeggen beelden meer dan woorden ...





Op momenten dat de kaas even een momentje nodig had, trokken we met onze gids-kaasmaker het museum in. We leerden moeilijke woorden en prutsten aan rare kaasdingen.





We ontdekten heel veel over kaas, waarom hij een bepaalde vorm heeft, waarom er gaatjes in zitten, welke korst je kunt eten enz.



En dan was het eindelijk tijd om dat kaasje uit zijn rare dingetje te bevrijden en het resultaat te aanschouwen!


Je ziet dat dit een vers, zacht kaasje is. Ik had de kinderen deze zomer graag een workshop van 9 weken (met internaat) laten volgen om een iets rijpere kaas te leren maken, maar dat was helaas niet mogelijk. 

Kaas maken en ontdekken hoe het allemaal in zijn werk ging ... Het was een ongelooflijk boeiende wereld die hier voor ons openging! Dat kaas heerlijk is, wist ik al. Ik hoop alleen dat mijn kinderen hun ontdekkingstocht nog naarstiger voortzetten na deze leuke workshop.

Met dank aan onze gids-kaasmaker voor zijn engelengeduld met zo'n bende enthousiaste kinderen!

Wil je graag zelf kaasjes leren maken? Je vindt hier alle nodige info voor een toffe uitstap met (of zonder) kinderen!


vrijdag 14 juli 2017

Mijn lasagne (met geheim ingrediënt)

Als er één recept is waar bezoekers vaak naar vragen, dan is het wel dat van mijn lasagne. Veel mensen beginnen daar zelf niet aan, omdat het veel werk of moeilijk lijkt, maar als je spaghetti of macaroni kunt maken, dan kan lasagne geen probleem zijn! Ik verklap je mijn recept én geheime ingrediënt!



Ingrediënten
Voorgekookte lasagneblaadjes (ik zweer bij die van Barilla)
1 fles tomatenpassata
Een klein blikje tomatenpuree
Een potje rode pesto uit de supermarkt
Naar keuze 250 g gehakt
1 grote ui of 2 sjalotten
2 teentjes knoflook
Balsamicoazijn of rode wijn
Een groot bakje (kastanje)champignons (deze kunnen het gehakt perfect vervangen!)
50-60 g boter
Olijfolie
Vloeiende bloem
Melk
100-150 g geraspte gruyère
Gratineerkaas
Peper
Zout 
Nootmuskaat

Bereiding
Voor de rode saus:
Bak het gehakt, als je dat gebruikt, in een koekenpan in wat olijfolie. Hak de ui(en) en een teentje knoflook fijn. Fruit die in een kookpot in olijfolie. Voeg het gehakt toe, gevolgd door de tomatenpuree en een flinke scheut balsamicoazijn of rode wijn. Laat de alcohol verdampen. Voeg dan het succesingrediënt toe: het potje rode pesto. Groene pesto in een potje vind ik walgelijk, maar rode pesto kan een tomatengerecht heel fijn pimpen! Voeg tot slot de passata toe en laat eventjes pruttelen. Kruid met peper en zout.

Snij de paddenstoelen in plakjes en bak die in wat boter en/of olijfolie en een teentje knoflook in een koekenpan, tot ze beginnen te kleuren. Kruid met peper en zout. Een beetje gedroogde oregano op de champignons is trouwens altijd lekker.

Voor de witte saus:
Laat de 50-60 g boter smelten in een pannetje. Voeg langzaam vloeiende bloem toe, tot je zachte kruimels krijgt. Giet er geleidelijk melk bij, tot de saus dik wordt. Blijf al die tijd kloppen met een klopper, want deze saus brandt snel aan. Neem van het vuur en voeg een zakje geraspte gruyère toe. Kruid goed af met peper, zout en nootmuskaat.

Verwarm de oven voor op 220 °C.
Neem een grote ovenschaal. Bestrijk de bodem met een beetje witte of rode saus. Leg daarop een laag lasagneblaadjes. Schep daarop de rode saus. Afhankelijk van je hoeveelheid gebruik je die nu helemaal op of gebruik je straks nog een laagje. Dek weer af met lasagneblaadjes. Schep er een laag witte saus op. Blaadjes. Een laag champignons. Blaadjes ... Gebruik zo al je laagjes op. Hoe dunner je laagjes en hoe meer blaadjes je gebruikt, hoe steviger en ook wat droger je lasagne zal worden. Dat is een kwestie van smaak. Ik probeer altijd een gulden middenweg te vinden.

Eindig met een flinke laag witte saus en bestrooi met gratineerkaas. Schuif in de oven en zet de timer op 20 minuten. Zo lang hebben de lasagneblaadjes nodig om gaar te worden en na die tijd is je kaas ook perfect gekleurd. Als je geen voorgekookte lasagneblaadjes gebruikt en je lasagne zo'n 40 minuten in de oven zal staan, zul je de schotel moeten afdekken met aluminiumfolie, die je er dan 10 minuten voor het einde afneemt.

Smakelijk!

vrijdag 30 juni 2017

Snel en lekker: gepimpte macaroni met kaas

Mijn kinderen zijn dol op macaroni met kaassaus. En ik kan ze geen ongelijk geven, want toen ik klein was, stond macaroni met stip op 1 in mijn lijst met favoriete gerechten.

Maar nu ik geen kind maar een moeder ben, probeer ik toch zoveel mogelijk groenten op tafel te krijgen. En op dat vlak scoort macaroni niet bepaald goed ... Bovendien kan zo'n kaassaus al snel gaan vervelen.

Maar daar vonden we ondertussen iets op! Ik weet al niet meer waar ik het gerecht ooit vond, maar we hebben het gelukkig wel genoteerd: macaroni met een verrassend, pittig smaakje én groenten!




Het geheim? Een vleugje (zachte) mosterd, cheddar, mais en lente-uitjes. Een winnende combinatie!

Dit is het recept ...

Ingrediënten voor 4 personen
400 g korte macaroni
Knakworsten (lekker, maar geen must als je vegetarisch bent)
200 g maïs uit een bokaal
4 lente-uitjes
40 g boter
40 g bloem
425 ml melk
1 el mosterd (wij gebruiken hele zachte)
175 g geraspte cheddar
150 g geraspte gruyère
Peper en zout

Bereiding
Kook de pasta al dente in gezouten water.
Doe de knakworsten bij het water of verwarm ze in de microgolf.
Giet de pasta af.
Laat de mais uitlekken en snij de lente-uitjes in ringetjes.
Voor de saus: laat de boter smelten in een pannetje. Voeg de bloem toe en bak 1 minuut. Roer er geleidelijk de melk door en klop goed tot alle brokjes zijn verdwenen en de saus indikt. Neem de pan van het vuur, breng op smaak met peper en zout en roer er de mosterd, de gruyère en 120 g van de cheddar door.
Verwarm de grill voor.
Giet de macaroni in een grote ovenschaal en roer er de mais, de worstjes en de lente-uitjes door. Schep er dan de saus doorheen. Strooi er de rest van de cheddar over en zet een paar minuten onder de hete grill, tot de bovenkant goudbruin begint te worden.

Smakelijk!