vrijdag 22 april 2016

Over een groene Kyoto en bloemetjes

Is er een betere plaats om een groene Kyoto Jurk te showen dan op de Gentse Floraliën? Ik dacht het niet!

Dus trok ik gisteren met Sylvia naar Gent, om er de sneak peek van de 35e editie van de Floraliën bij te wonen. Het was dit jaar eens niet in Flanders Expo maar wel in het centrum van de stad te doen, op vier verschillende locaties. Van 22 april tot 1 mei wordt Gent immers omgetoverd tot een floraal festival waar groot en klein de mooiste bloemen en planten kan ontdekken.


En gisteren dus ook mij, in mijn groene jurk. Deze Kyoto komt uit de eerste editie van La Maison Victor van 2016. In tegenstelling tot het voorbeeld uit het magazine koos ik voor een effen groene tricot, zonder accentje aan de mouwen, maar besloot ik te accessorizen met juweeltjes en een riempje. Oh, en wie aanstoot neemt aan mijn witte benen moet dit nog maar eens lezen.


Zoals je hier ziet, is de rug open. De mouwen hadden voor mij iets smaller gemogen, want zo zien ze er misschien wat slordig uit.




Laat de bloemenpracht van de Floraliën je koud? Dan kan dit je misschien wel overtuigen om toch naar Gent af te zakken.


 Foto's: Sylvia
Stof: MonDepot
Meer info over de Floraliën: http://www.floralien.be/

dinsdag 19 april 2016

Huisdieren: wat ik leerde

Wie me op Instagram volgt, weet dat we hier nogal wat beestjes hebben rondlopen. We hebben drie poezen en twee hondjes. Ik werd groot op een halve boerderij, met schapen, ganzen, eenden, konijnen, honden, poezen, schildpadjes, vogels, ... Noem ze, wij hadden ze! Ik heb me nooit afgevraagd of ik later zelf dieren zou nemen. Het was een evidentie. Alleen zo was het plaatje compleet. Huisje, boompje, beestje, weet je wel?

Toch was vijf misschien wat veel. Want ik ben ook nog heel proper, loop de hele dag achter mijn stofzuiger aan en laat geen dieren op de meubels of in de slaapkamers toe. Een neat freak met vijf dieren ... Het is niet altijd gemakkelijk! Maar mijn man en ik zijn nu eenmaal hypergevoelig voor dierenleed en we wilden ons steentje bijdragen.


Want onze diertjes zijn niet in de beste omstandigheden geboren. De hondjes komen uit een asiel in Spanje (via Galgo Aid Europe), en ik moet je waarschijnlijk niet uitleggen wat er in Spanje nog veel te vaak met honden (en andere dieren) gebeurt. 
Eén poes leefde op straat en kwam gewoon via het kattenluik naar binnen gewandeld en twee andere poezenbroertjes komen uit een asiel in Anderlecht (Help Animals).

Ik kom hier dus eigenlijk een beetje reclame maken voor asiels. Want ik zie dat er nog heel veel dieren van fokkers komen. Omdat veel mensen een rasdier willen (iets wat mij persoonlijk niet interesseert) maar ook omdat er nog veel misverstanden over asiels bestaan. En dat vind ik jammer. Want er zijn al zoveel diertjes die een warme thuis zoeken. Waarom er dan nog kweken voor de verkoop? Trouwens, veel van die gekweekte dieren komen uiteindelijk toch nog in het asiel terecht ...


Wij zijn heel blij dat we onze laatste twee poezen in het asiel haalden. Er zaten op dat moment zoveel kittens dat het gemakkelijk was om hun reactie op onze kinderen te testen. Terwijl de meeste poezen zich verstopten, waren er twee guitige poesjes die nieuwsgierig naar ons toekwamen en zich gewillig lieten knuffelen. We hebben dan ook niet getwijfeld. En die twee poezen, dat zijn de liefste, meest sociale en kindvriendelijk poezen die je je kunt inbeelden. Want hoe mooi of schattig een dier er ook kan uitzien, ze hebben net als mensen allemaal een eigen karakter. Neem het maar aan van iemand die al veel huisdieren versleet. Het moet klikken of je krijgt er nadien spijt van. Je trouwt toch ook niet met iemand puur op basis van zijn/haar looks? De vergelijking lijkt misschien wat vergezocht, maar met een huisdier moet je ook lang samenleven! Kijk dus of het klikt, in plaats van meteen de mooiste uit het nest te kiezen.




Onze hondjes komen uit een asiel in Spanje omdat we puppy's zochten. June was op dat moment immers nog wat te impulsief en in asiels in eigen land zijn puppy's schaars. Veel volwassen honden werden ons afgeraden omdat het asiel niet kon garanderen dat de hond 100% kindvriendelijk was, wegens een gebrek aan voldoende achtergrondinformatie.

En in Spaanse asiels zitten wel veel puppy's. Galgo Aid laat de honden overvliegen via vrijwilligers, plaatst ze bij onthaalgezinnen voor hun socialisatieperiode en biedt ze ter adoptie aan. En zo zijn Babette en Lola bij ons terechtgekomen. Babette kampt met verlatingsangst en is heel dominant wat eten betreft (het beestje heeft op straat ongetwijfeld moeten vechten om haar eten), maar Lola (die in een kartonnen doos bij het vuilnis werd gezet) liep geen trauma's op en is een heerlijk traag, snoezig hondje dat zich nergens druk om maakt.

Hoewel ik me onze beslissingen soms wel durf te beklagen - lopend achter mijn stofzuiger - geeft het wel een grote voldoening te weten dat we deze "afgedankte" beestjes een mooi nieuw leven konden geven.

Geef asiels dus een kans. Niet alleen krijg je voor een redelijke prijs volledig ingeënte en gechipte dieren mee, je hebt ook voldoende tijd om rustig kennis te maken voor je beslist samen naar huis te gaan.

En neem die tijd. Denk er goed over na. Een dier is voor het leven, en dat kan behoorlijk lang zijn. En haal alsjeblieft geen hond in huis als het beestje de hele dag alleen moet zitten. Daar doe je niemand een plezier mee, en al helemaal het dier niet. En dan nog iets: baseer je keuze van een ras niet louter op het uiterlijk. Beagles waren ooit enorm in de mode, maar de asiels zitten er vol van, omdat de beestjes veel energie hebben. Hetzelfde met de bordercollie, de nieuwste modehond. Heb je geen grote tuin of de tijd om er dagelijks mee te gaan wandelen, kies dan een ander, rustiger ras. Wij hebben een hondje met terriërbloed en eentje dat duidelijk voor bommaatjes werd ontworpen. En ik kan je verzekeren: het verschil in karakter is enorm!

En tot slot: haal NOOIT een dier in huis omdat je kinderen ze willen. Dat komt nooit goed. Je moet het echt zelf willen. Want de interesse van kinderen in dieren smelt als sneeuw voor de zon, maar raad eens wie ervoor kan zorgen? Dus begin er niet aan als je niet met een groot hart voor dieren bent geboren.


zaterdag 16 april 2016

Ik zag nogal wat beren

Het naaien heeft hier wat stilgelegen. Ik steek het allemaal op mijn nieuwe beste vriend. Maar nu het zonnetje weer komt piepen en de blaadjes bomen krijgen begint het weer te kriebelen om mezelf en (een deel van) mijn kroost in het nieuw te steken.

Vandaag maakte ik de Sienna Jurk van La Maison Victor voor June. En dat was echt in een zucht gepiept. Ik sloeg wel een paar stapjes over, maar daar hoeft niemand van wakker te liggen. Zo heb ik de split en de strik op de rug weggelaten en vouwde ik de hals gewoon 1 cm naar binnen. Geen biaislint en dus iets minder gedoe.

Het jurkje zit ruim, en al helemaal op mijn magere spriet van een dochter. Het verbaast me dus niet dat ik ze op verschillende blogs al heb zien passeren als speeljurk. Deze gaat ze nog vaak dragen!




Valt het op dat ik zei "Als je flink poseert mag je daarna iPad" maar dat ze het desondanks snel beu werd?

woensdag 6 april 2016

Verliefd op Kobo

Had je me een jaar geleden gezegd dat ik vandaag smoorverliefd zou zijn op een e-reader, ik had eens goed gelachen en je een boek rond je oren gezwierd.


Ik ben altijd verslaafd geweest aan papieren boeken. Snoof de geur diep op, woog ze in mijn handen, genoot van het gevoel van het papier onder mijn vingers, liep altijd door een bibliotheek alsof het een tempel was (ik doe nog net niet mijn schoenen uit), brak de rug zodat ze 'ontmaagd waren' en je zag dat ze gelezen waren en hun verhaal hadden verteld, schrok niet terug voor een ezelsoor of een kanttekening in potlood, en liet een mooi boek dat ik had uitgelezen nog dagen rondslingeren zodat ik er nog wat langer van kon nagenieten. 

Tot de Kelly's (deze en deze) heel overtuigend en gepassioneerd over hun e-reader blogden en me over de streep trokken. Ik besloot het te proberen, kocht een Kobo Glo en heb me dat nog geen moment beklaagd. Man, wat hou ik van dat ding.
 
Omdat ik nog veel boekenwormen tegenkom die net als mijn oude ik zweren bij hun papieren exemplaren en zich koppig tegen de e-reader blijven verzetten, zet ik de voordelen na bijna 4 maanden e-readen even op een rijtje.

- Het is geen computerscherm. De pagina's zien eruit als die van een boek en lezen is niet vermoeiend voor de ogen. Ik ga niet in op de technische details, want daar begrijp ik ook maar de helft van, maar dit is niet te vergelijken met lezen op een computer of iPad.

- Mijn e-reader heeft een ingebouwd lichtje. Ik ben altijd vroeg wakker en kan dan lang lezen zonder in slaap te vallen. En nu kan dat in bed, in het donker, zonder dat ik mijn man wakker maak.

- Mijn ogen zijn niet zo fris meer. Lees ik een boek met kleine letters, in kunstlicht, dan lig ik na 10 minuten al te ronken. Het lettertype van een e-reader kun je wijzigen en vergroten, en dat is zo'n gemak! Ik lees dan ook zoveel meer dan vroeger (en slaap minder).

- Er kunnen belachelijk veel boeken op en het ding past gewoon in mijn kleinste handtas. Ik neem het dus overal mee naartoe, voor het geval ik ergens moet wachten.

- Je wordt niet misselijk als je in de auto (als passagier!) op je e-reader leest. Een mysterie, maar het was wel een leuke ontdekking.

- Je kunt in bed op je zij lezen! En één hand lekker warm onder de deken houden! Wie vaak in bed leest, zal snel begrijpen wat een luxe dat is.

- ebooks zijn een stuk goedkoper dan papieren boeken, dus als je veel boeken koopt, dan is je investering (in het geval van Kobo 129 euro) heel snel terugverdiend.

- De boeken die je wil, zijn meteen beschikbaar. Je koopt ze online en kunt ze meteen beginnen lezen. En als je vaak in het Engels (of een andere taal) leest, moet je niet telkens naar een Engelse boekenwinkel of een bestelling plaatsen om aan je gerief te geraken.

Ik ben hem serieus gaan koesteren, mijn e-reader. Ik betrapte mezelf er afgelopen week op dat ik hem zag liggen en mijn hart een slag oversloeg. Ik ben verliefd op mijn Kobo. Het is de belichaming geworden van de vele fantastische boeken die ik er de voorbije 4 maanden al op las. En hoe meer boeken ik lees, hoe liever ik hem ga zien.

Benieuwd wat ik lees? Je vindt mijn boekentips en -reviews op Goodreads (zie de plug-in hiernaast).

woensdag 16 maart 2016

Say cheesecake!

Er zijn maar weinig taarten die mij kunnen bekoren. Ze zijn te vlaaierig, te slagroomerig, te smurferig ... Die van Les Tartes de Françoise daarentegen, die kan ik niet weerstaan! Vooral de kaastaart met speculaasbodem is altijd een grote favoriet geweest. Tot voor kort. Want ik ontdekte het perfecte recept om ze min of meer na te maken en - dankzij de geraspte citroenschil - misschien zelfs nog te verbeteren!

Omdat verschillende vrienden me al naar het recept vroegen, deel ik het meteen hier, op mijn blog.

Je kunt (moet) deze taart uren vooraf maken, dus het is een ideaal dessert voor een etentje dat je graag de dag voordien al wilt voorbereiden.

Ingrediënten
  • 400 g Philadelphia-kaas
  • 100 g mascarpone
  • 70 g suiker
  • 2 eieren (dooiers en eiwit gescheiden)
  • een biologische citroen
  • 150 g speculaaskoekjes
  • 60 g echte boter 

Werkwijze

Verkruimel de speculaaskoekjes in een zakje. Een deegroller of fles kan je daarbij helpen. Vet een taartvorm in (of gebruik bakpapier) en doe er de speculaaskruimels in. Laat de boter ondertussen smelten en giet over de speculaas. Vermeng goed. Spreid het speculaasdeeg mooi uit en druk draaiend aan met de bodem van een glas. Schuif in een voorverwarmde oven van 180 °C en bak in 5-10 minuten droog. Laat afkoelen.


Klop de eidooiers met 35 g suiker op tot een bleek, schuimig mengsel. Doe er de Philadelphia-kaas, de mascarpone en de geraspte citroenschil bij en vermeng. 



Klop de eiwitten samen met de rest van de suiker in een andere kom zo stijf op dat je de kom boven een onschuldig kinderhoofd kunt houden.


Spatel het eiwit voorzichtig onder het kaasmengsel en schep in de taartvorm met de speculaasbodem.

Bak 35 minuten op 180 °C, of tot de taart bol staat en een mooi kleurtje heeft. Schakel de oven uit, zet de deur op een kier en laat de taart afkoelen. Verhuis daarna naar de koelkast en laat minstens een paar uur staan.


Laat het smaken! Met een beetje geluk heb je nog een stukje over voor het ontbijt de volgende dag. Smaakt eens zo lekker dan! ;-)

zondag 13 maart 2016

Tsjik tsjak vollenbak

Zelf ben ik niet zo'n bioscoopganger. Maar toen Hotel Hungaria ons uitnodigde naar hun productie Helden van de Zee te gaan kijken, sprongen de kinderen een gat in de lucht. Ik had nog nooit van die Helden gehoord, maar volgens hen kunnen die dus keicoole dingen maken, op Ketnet.


Dus trokken wij vandaag met onze twee bloedjes en een al even enthousiast logeetje naar Kinepolis Brussel. Het was het eerste weekend dat al heerlijk naar lente geurde, dus veel volk had ik niet verwacht. En al zeker niet voor een Vlaamse film in Brussel. Maar een lege zaal, dat hadden we echt niet zien aankomen. We hadden die reusachtige living helemaal voor ons alleen!



Maar de afwezigen hadden ongelijk. Die Helden zijn inderdaad straffe gasten! Ze gaan op reis naar zee en na nog geen tien minuten op het strand hebben die al een roetsjbaan gebouwd. Pol-de-beer-gewijs toveren ze enorme hamers uit hun rugzakske en MacGyver-gewijs schudden ze het ene knappe bouwsel na het andere uit hun mouw.




Naar Engeland varen in een zelfgemaakte badeend of een serre ... Het leek me een ietsiepietsie vergezocht, maar bij de kinderen sprak het duidelijk tot de verbeelding. We hebben dan ook moeten afspreken dat we die halsbrekende toeren thuis niet gaan nadoen!


Nieuwsgierig geworden? Bekijk hier de trailer!



woensdag 9 maart 2016

Maak je eigen wild boeketje

Je ziet de foto's met de boeketjes van Bloomon tegenwoordig overal opduiken. Ze zijn vrolijk, ongedwongen, brengen de lente in huis ... en zijn vooral onbereikbaar als je niet in een stad woont waar ze leveren.

Maar wie heeft Bloomon eigenlijk nodig? Voor nog geen tien euro maak je je eigen "wild" boeketje, dat zo uit het veld lijkt te komen. Ik vertel je graag hoe!



  1. Trek met je vaas naar de bloemenwinkel. Zo kun je ter plaatse het een en ander uitproberen én neem je geen verpakkingsafval mee naar huis. Mijn bloemenwinkel ligt nu wel op 50 meter van mijn voordeur, dus dat maakt het allemaal net iets gemakkelijker.
  2. Kies drie kleurgroepen, zoals schakeringen van roze, paars en oranje. Groen telt niet mee. Of beperk je voor een rustiger boeket tot schakeringen van één kleur, zoals je zelf wilt. Overdrijf zeker niet met dominante kleuren zoals rood.
  3. De traditionele regel van meerdere bloemen in oneven aantallen gooien we overboord. Je kiest van elke steel één of hoogstens drie stuks.
  4. Varieer met vormen en soorten. Ga binnen je kleurengroepje op zoek naar pluimpjes, grote bollen, kleine bolletjes, "echte" bloemen (zoals gerbera), trosjes, lange stelen, pluizige bloemen, ...
  5. Speel met de lengte. Vraag je bloemenverkoper om de steeltjes niet af te knippen, zodat je er thuis zelf wat mee kunt spelen. Er mogen flink wat lengteverschillen in je boeketje zitten.
  6. Bloomon gebruikt maar weinig groen en 'vulsel', onder het motto less is more. Blaadjes worden ook van de steeltjes gehaald. Hier en daar een groen takje - zoals eucalyptus - is dan wel weer leuk. Op deze 'regel' wijkt mijn boeket hierboven dus wat af ...



Het leuke is dat je bloemenwinkel elke keer weer andere bloemen in huis zal hebben. Op de foto hierboven zie je bijvoorbeeld ook leeuwenbekjes (in het midden vooraan, die lange stelen met klokvormige bloempjes) en achteraan rechts zie je allium, die leuke paarse bolletjes. Zulke bloemen staan heel leuk in zo'n wild boeketje.

Speel je mee? Deel je boeketje op de sociale media met de hashtag #mijnwildboeket